Regen

Dichters op dinsdag 112

04
11
2009

RegenVoor deze Dichters op Dinsdag was het niet zo moeilijk. Het thema is meteen de titel van onderstaand gedicht van J.H. Leopold. De foto maakte ik bij Huize Doorn van het water in de slotgracht dat door de zachtjes neerdruppelende regen een prachtige textuur kreeg.

Regen
De bui is afgedreven; 
aan den gezonken horizont 
trekt weg het opgestapelde, de rond- 
gewelfde wolken; over is gebleven 
het blauw, het kille blauw, waaruit gebannen 
een elke kreuk, blank en opnieuw gespannen. 

En hier nog aan het vensterglas 
aan de bedroefde ruiten 
beeft in wat nu weer buiten 
van winderigs in opstand was 
een druppel van den regen, 
kleeft aangedrukt er tegen, 
rilt in het kille licht. 

en al de blinking en het vergezicht, 
van hemel en van aarde, akkerzwart, 
stralende waters, heggen, het verward 
beweeg van menschen, die naar buiten komen, 
ploegpaarden langs den weg, de oude boomen 
voor huis en hof en over hen de glans 
der daggeboort, de diepe hemeltrans 
met schitterzon, wereld en ruim heelal: 
het is bevat in dit klein trilkristal.

Oeroeg

Dichters op dinsdag 111

01
11
2009

OeroegO, ik weet het niet, wat ik moet kiezen bij een thema zoals als 'Oeroeg'. O, ik weet het niet... Daarom koos ik dit keer voor een gedicht van Herman de Coninck met de titel 'O, ik weet het niet' dat me op de één of andere manier ook nog aan Oeroeg doet denken.

O ,ik weet het niet,
maar besta, wees mooi.
zeg: kijk, een vogel 
en leer me de vogel zien 
zeg: het leven is een brood 
om in te bijten en de appels zien rood 
van plezier, en nog, en nog, zeg iets.
leer me huilen, en als ik huil 
leer me zeggen: het is niets.

Ziek

Dichters op dinsdag 110

20
10
2009

ZiekVoor dit thema van DiDi koos ik voor een gedicht van Neeltje Maria Min uit 1989 met de aansprekende titel 'Mijn lichaam wemelt van de streptokokken'. Toepasselijker kan het bijna niet.

Mijn lichaam wemelt van de streptokokken
Ik schud en steiger. Hoger stijgt de koorts.
Kijk: 40.5, 6, 7 enzovoorts.
Terwijl ik lig te ijlen vrees ik brokken

als ik niet snel de dokter komen laat.
Ze gaan hem bellen. Hij komt aangestevend
en buigt zich over mij. Ik lijk nog levend
maar godverdomme, het is toch te laat.

Een spiegeltje verschijnt boven mijn mond.
Ik zie geschrokken dat het niet beslaat.
Ik heb het goed bedoeld maar ben bezweken.

Het zal de nieuwe dokter danig steken
dat ik vandaag zijn tiende ben die gaat.
Zo komt zijn zaakje nooit eens van de grond.

Najaar

Dichters op dinsdag 109

17
10
2009

NajaarZie nu net dat ik DiDi 108 heb overgeslagen dus die ga ik nog een keertje doen binnenkort. Maar nu eerst nr. 109 waarvoor ik een gedicht koos van Jan Wolkers met dezelfde titel als het thema.

Najaar
Soms zie ik dingen bewegen
Die onbewogen zijn,
Als roestvlekken op bladeren
Die wegtrekken als spinsels.

Een engel fluistert in mijn oor,
Een telefoonnummer
Dat is niet te ontcijferen.

De vershoudfolie
Van ons leven
Was al vergaan.

Zoals we ooit begonnen,
Op voetzolen van mos:
Daar stond het riet,
De danseressen van de gele lis,
De wilde roos,
Het schors als fronsen.
Het snoer van zeekraal
Verbrokkelde tot grind.

Een web van schrijnend zilver
Een glasdraad snijdend door het blauw,
Die het uitspansel verdeelt
Tot stellingen van as
Van uitgestrooid gebeente.

Nieuwe dichtbundel van Thomas Möhlmann

Kranen open

02
10
2009

Thomas Möhlmann (foto Sterre Parigger) Onlangs zag de tweede dichtbundel 'Kranen open' van mijn vriend Thomas Möhlmann (1975) het levenslicht. Thomas is n naast dichter ook nog poëziemedewerker van het NLPVF, hoofdredacteur van poëzietijdschrift Awater en redacteur van literatuursite www.literairnederland.nl. Zijn debuutbundel De vloeibare jongen verscheen in 2005 bij Uitgeverij Prometheus. 

De vloeibare jongen
Na zijn versleten tooi en kleed te hebben
afgelegd, heeft hij zich licht gebukt gehurkt
bij de rivier gevoegd. Terwijl de veren drogen

vouwt
hij
zijn
kleine
woorden

tot bootjes, worden goedgevormde zinnen
in liefdevolle stomheid nagestaard.

Opstaan, geleidelijk vaste vorm verliezen
nu en wachten tot hij zich tussen de dunne
wanden van zijn huid als in een aangestoten
vissenkom wiegen kan.

Aan de oppervlakte van zijn onderarm
plaatst hij het lijfje van een vogel
om vlak voordat hij wegspoelt
een zelfbedacht geheim in te bewaren.

www.thomasmohlmann.nl

Dans

Dichters op dinsdag 108

30
09
2009

FlamencoDit keer een mooi thema waarvoor ik een gedicht koos van Huub Beurskens over dansende muggen aan de waterkant. De foto maakte ik jaren geleden bij een amateur flamenco voorstelling.

Dans aan de waterkant
Zoals Cuyps koeien niet hun boeren toebehoren 
maar het ochtendgloren en later op de dag weer 
het onmelkbaar gloeiend gouden vervloeien, 
van hun ruggen, in hun stille spiegeling terug, 

zo zijn muggen aan de waterkant begonnen 
met dansen, verzonnen door de dansbaarheidslust 
van een schijnbaar zuchtjesloze zomeravondlucht.